Geestdrift

Toen de dag van het Pinksterfeest aanbrak waren ze allen bij elkaar. Plotseling klonk er uit de hemel een geluid als van een hevige windvlaag, dat het huis waar ze zich bevonden geheel vulde. Er verschenen aan hen een soort vlammen, die zich als vuurtongen verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten,  en allen werden vervuld van de heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun door de Geest werd ingegeven. Handelingen 2: 1-4

Nog enkele dagen en het is Pinksteren. Met Pinksteren eindigt in mei de cyclus van christelijke feesten.

In de natuur is het prille voorjaarsgroen verdwenen. De  levenssappen in de bomen stromen volop. De bloesem valt al van de vruchtbomen: voorzichtige bollingen achter bladrozetjes doen peer of appel vermoeden. Het nieuwe is er af en je aandacht, verwondering en eerbied  voor de wonderlijke processen in de natuur is misschien wat minder dan in het prille voorjaar. Het volle en warme gevoel van de zomer, het uitbundige er-op-uit-gevoel is er ook nog niet. Er wordt dus een appèl gedaan op ons bewustzijn. We moeten bewust waarnemen, we moeten de deur uit om te zien. Buiten ervaren we dan hoe de zon ons en de aarde meer en meer verwarmt. De zon en het zonlicht kunnen symbool staan voor geestdrift, vrolijkheid, vitaliteit, levenskracht, vreugde, warmte, groei, liefde en vuur.

Met Pinksteren kan de Heilige Geest ook in ons het vuur ontsteken, waardoor we in ‘vuur en vlam’ kunnen raken, ‘geestdriftig’ worden. Geestdrift of enthousiasme is het prettige gevoel dat je ergens helemaal vol van bent, er veel zin in hebt en je er volledig voor wilt inzetten. Ook het woord ‘enthousiasme’ heeft een religieuze oorsprong: het komst van ‘èn theos’ dat ‘in god’ betekent.

Pinksteren, het feest van de Geest, het feest van de vurige liefde van God die al onze grenzen kan doorbreken. Dit gebeurde bij de leerlingen van Jezus die bij elkaar zijn in Jeruzalem. Zij  staan ineens in vuur en vlam; ze worden aangeraakt door de Heilige Geest die hen ingegeven wordt. Met hun geestdrift, hun inspiratie worden zij uit hun comfortzone getild en gaan handen en voeten én stem geven aan het woord van God, in navolging van Jezus. Hierin weten ze ook anderen te inspireren, en zo begint het evangelie aan zijn reis tot in alle uithoeken van de wereld, en door alle eeuwen heen. Maar hoe zit het bij ons? Wat zou er voor nodig zijn om ons uit onze comfortzone te tillen? Of blijven we liever in ons vertrouwde bestaan? Willen we liever controle houden over de gang van zaken?

Pinksteren het feest van de goddelijke inblazing, van inspiratie door de Geest. ‘Inspireren’ is precies waar het om gaat met Pinksteren. Dit werkwoord komt van het Latijnse woord ‘inspirare’: letterlijk (iets) inademen, inblazen, of zelfs 'in geestesverrukking brengen', begeesteren, bezielen, geestdriftig maken. De oude klassieke Griekse filosofen geloofden al dat de inspiratie iets van goddelijke aard was. Ook in de bijbel lezen we  dat de adem nauw verbonden is met de ziel en het geestelijk leven van mensen. In het Oude Testament, al in Genesis 1:1 in de tweede zin lezen we over de geest van God, de ‘ruach’, (‘ruach’ betekent geest, adem of wind) die over de wateren zweeft alvorens er leven komt. Verderop, in Genesis 2:7, staat de bekende tekst ‘…toen formeerde de Here God de mens van stof uit de aardbodem en blies de levensadem (nesjama) in de neus; alzo werd de mens een levend wezen (nefesj)’. Het woord nefesj betekent behalve adem ook ziel. Het staat voor lichaam en ziel samen, als een gevoelsmatige kern, een ‘ik’ dat kan verlangen naar iets, zowel in positieve als negatieve betekenis. Zo kan je ziel, je ‘nefesj’, dus verlangen naar God, zoals in psalm 42:2 en 3:
                             

Zoals een hinde smacht naar stromend water,

Zo smacht mijn ziel (nefesj) naar U, o God.
Mijn ziel (nefesj) dorst naar God, naar de levende God….


In het Nieuwe Testament betekent het Griekse woord ‘pneuma’ zowel adem, wind als geest. In Johannes 3:8 zien we zelfs twee betekenissen van pneuma: “De wind blaast, waarheen hij wil, en u hoort zijn geluid, maar u weet niet, vanwaar hij komt of waar hij heengaat; zó is een ieder, die uit de Geest geboren is”. 


Ook in en door christelijke meditatie kunnen we begeesterd raken. Mediteren is als geestelijk ademen. Je kunt tijdens het mediteren ervaren, dat, als je de adem zijn gang kunt laten gaan en niet ingrijpt, dat je dan geen adem hoeft ‘te halen’, maar dat je als het ware ‘geademd’ wordt, alsof opnieuw de ‘levensadem van God’ in ons ademt. Door ‘in de eigen binnenkamer in te gaan en uw deur te sluiten’ (Mat.6.6), anders gezegd : door de stille innerlijke ruimte in te gaan en zich daarin te openen voor God kunnen we dat inblazen van de Heilige Geest niet alleen als een vuur maar ook als nieuwe inspiratie ontvangen en zo geïnspireerd onze weg in het leven vervolgen.

Annemarie van Wijngaarden en Rob Boersma

primi sui motori con e-max.it
Onze nieuwsbrief >