Uithouden

Lijden is niet beneden de menselijke waardigheid. Ik bedoel: men kan menswaardig lijden en onmenswaardig. Ik bedoel: de meeste westerlingen verstaan de kunst van het lijden niet en ze krijgen er duizend angsten voor in de plaats. Dit is geen leven meer, wat de meesten doen: angst, resignatie,verbittering, haat, wanhoop….Bij het leven hoort: een plaats geven aan het lijden…Het komt erop aan, hoe men het draagt en of men het te rangschikken weet in zijn leven en toch het leven blijft aanvaard.  Etty Hillesum 

Over enkele dagen is het  24 februari en weer meditatieavond. Midden in de winter, ook al lijkt het dit jaar  tot nu toe niet echt te winteren. De winter is de nacht van het jaar. De natuur lijkt  te slapen en ook wij zouden kunnen besluiten een  winterslaap te  houden. Die winterslaap zou dan nu vorm kunnen krijgen in het vasten. We zitten middenin de vastenperiode, de 40 dagen-of lijdenstijd.  Zonder enig religieus besef zien veel planten en dieren zich in deze periode genoodzaakt om te vasten, zich stil te houden, de winter uit te houden zoals de vogel op het plaatje. Voor egels, vossen en andere vleeseters is er vrijwel niets te eten. De wintervoorraad en zelfs het eigen vet raakt op. Dus, afzien en uithouden tot het prille voorjaar zich aandient.

Afzien en uithouden geldt ook voor ons wanneer we in het winterlandschap van ons leven zijn terechtgekomen. ‘Leer dan stil zijn, leer niets doen en leer wachten…., dichtte dichteres Henriëtte Ronald Holst in een toepasselijke dichtregel. Zij en met haar Etty Hillesum in haar uitdagende koptekst  zeggen eigenlijk: leer in ‘de winter van het leven’  situaties uit te houden, leer pijn te hebben, gemis te voelen, laat de dingen eens zijn wat ze zijn! Niet(s) doen, niet ingrijpen, niet ‘het ’te snel willen oplossen. Leer het uit te houden bij je eigen onzekerheid en bij die van een ander. De (nog) niet beantwoorde liefde uithouden. Laat de stilte en de tijd z’n werk doen. Soms moet je het gewoon uithouden, net als een zwangerschap. In stilte dragen wat gedragen moet worden. Wachten op iets nieuws zonder het af te dwingen. Achteraf zegt men vaak na zo’n moeilijke periode: ‘ik heb het uitgehouden, maar het heeft mij toch ook veel gebracht’. Etty Hillesum gaat nog een stap verder. Bij haar gaat het om ‘de kunst van het lijden’ te leren door het lijden te dragen en een plaats te geven en ‘toch het leven blijven aanvaarden’.                     

Voor de natuur is vasten  geen religieus bedenksel, maar een door de natuur aangereikt hulpmiddel om de jaarlijks terugkerende magere tijd uit te houden en te overleven. Ook de kerk  reikt ieder jaar de vasten in de 40 dagentijd aan waarin we ons kunnen onthouden van bepaalde gewoontes zoals alcohol, drinken, snoepen, maar ook bijvoorbeeld televisie kijken of het gebruik van sociale media en/of minder werken. Vaak wordt het geld dat daarmee wordt uitgespaard aan een goed doel gegeven. Er ontstaat ruimte om  meer om te zien naar mensen die het moeilijk hebben. De 40-dagentijd is bij uitstek de periode voor verstilling, stil worden voor God. Een tijd voor bezinning en inkeer tot onze innerlijke ruimte, de binnenkamer van ons hart, waarin we het besef kunnen hebben van Zijn aanwezigheid. In zo’n vastenperiode kan men zich echter juist bewust worden zich in de hierboven genoemde ‘winter van het leven’ te bevinden en/of in een fase op de geestelijke weg waarbij God zich verborgen lijkt te houden. Het landschap van de ziel lijkt dan op een winters landschap. In zo’n geestelijke winterperiode gebeurt er aan de zichtbare en voelbare oppervlakte niets meer. Het is dan een spirituele uitdaging om te wachten, het uit te houden en te leren wat het is om een wachter te zijn. Om niet te gaan trekken en duwen. De ‘winter van het leven’’ wordt door de16e eeuwse mysticus Johannes van het Kruis ‘de donkere nacht van de ziel’ genoemd. In zijn boek met dezelfde titel ‘De Donkere nacht van de ziel’ beschrijft hij de donkere crisis van het niet-meer-weten en niet-meer-voelen, de crisis waarin God totaal afwezig lijkt, als een fase op de spirituele weg naar God toe. Het is een beeld dat velen in de eeuwen daarna zouden herkennen. Zoals ‘moeder’ Teresa, een katholieke non. In Calcutta zette zij een wereldwijd bekend werk onder armen op, dat zij tot kort voor haar dood leidde. Ze stichtte de orde van de Missionarissen van Naastenliefde, een religieuze orde voor zusters in Calcutta. In 1979 ontving zij voor haar werk de Nobelprijs voor de Vrede. Van moeder Teresa weten we dat ze tot aan haar dood lange tijden van totale godloosheid en donkerheid kende. Zij wist wat die ‘donkere nacht’ was en hoe het daarin uit te houden. Ook Etty Hillesum kende die ‘donkere nacht’ die, met name in de tweede helft van haar dagboek ‘Het verstoorde leven,’ aangrijpend wordt beschreven. Zij bood het barbarendom van de nazi’s ook in het concentratiekamp het hoofd zonder zelf in wanhoop en haat ten onder te gaan. Zij bleef de mensen in alle misère trouw om voor hen zoveel mogelijk van betekenis te zijn met een ongekende innerlijke kracht, geloof en vertrouwen, tot aan haar dood. Het leven van Etty Hillesum, dat vooral in haar teksten tot ons komt, kan ons leren hoe ‘de donkere nacht’ of de ‘winter van het leven’ uit te houden, het lijden te leren dragen en, door alles heen, het leven in dankbaarheid te blijven aanvaarden.
Annemarie van Wijngaarden en Rob Boersma

primi sui motori con e-max.it
Onze nieuwsbrief >