Geestelijke rijping of tot wasdom komen

Vruchten en bloemen dragen op elke plek grond waar men geplant is, zou dat niet de bedoeling zijn? En moeten wij er niet aan meehelpen deze bedoeling te verwezenlijken? Etty Hillesum

Oktober is traditioneel de oogstmaand waarin door veel kerken de ‘dankdag voor het gewas’ wordt gevierd. Oktober is ook de wijnmaand. Na de druivenoogst begint het proces van wijnbereiding of vinificatie met het persen van de druiven tot ‘most’, gevolgd door verschillende processen als alcoholische vergisting en rijping om ‘het profiel’ van de wijn zowel op aromatisch niveau als qua smaak te verfijnen. Goede wijn komt tot wasdom in het ‘rijpingsproces’ dat al in de druif plaats vindt, vervolgens in de wijnkelder en tenslotte in de fles. Een goede wijn is daardoor uitgebalanceerd en harmonieus. Goede wijn heeft tijd en geduld nodig om te rijpen en om ze tot volle wasdom te laten komen. Dit rijpingsproces mixt zuren, alcohol, tannine en vruchten met elkaar tot ‘een eigen persoonlijkheid, een karakter’. Een minder goede wijn zal nooit tot haar recht komen, als de vruchten zullen ‘afsterven’; of als de tannine geheel verdwijnt in plaats van de wijn ‘bij elkaar’ te houden; of als de zuren, de ruggengraat en het leven van de wijn, slap worden of verdwijnen.

In geestelijke zin staat deze herfstperiode ook voor rijping of tot wasdom komen van onze persoonlijke spirituele weg waarin we ons oefenen in een verstilde omgang met God. Een weg waarin ook meditatie op de ons gegeven ‘vrucht van de Geest’, die Paulus in zijn brief aan de Galaten beschreef (Gal. 5: 22-23), ons verder kan helpen meer balans en innerlijke rust te vinden in verbinding met de natuur die ons omringt en met de schepping waar we deel van zijn. Paulus heeft het over ‘vrucht’, niet over ‘vruchten’ van de Geest. Dat betekent dat de negen persoonlijkheidsaspecten: liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, trouw, vriendelijkheid, goedheid, zachtmoedigheid en zelfbeheersing niet als losse vruchten of aspecten verkrijgbaar zijn. Ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Ze vormen negen aspecten van dezelfde vrucht. Je kunt je dus niet inzetten voor alleen vriendelijkheid of liefde, en goedheid en vrede maar buiten beschouwing laten. Het één is niet los te koppelen van het ander. In de praktijk van meditatie kan men zich wel specifiek richten op één aspect. Ervaring leert dat ook andere persoonlijkheidsaspecten meegroeien. Voor de praktijk van de meditatie zijn verschillende van deze aspecten naast een doel van meditatie ook een voorwaarde. Er is bijvoorbeeld geduld nodig om stil en ontvankelijk te worden. Mildheid en vriendelijkheid als men onrustig wordt en verstoord wordt door opkomende gedachten.

In het rijpingsproces op de geestelijke weg kunnen we, met vallen en opstaan, leren de ‘gave van de vrucht van de Geest’, in ons toe te laten en daarin steeds meer mee te bewegen. Voor die vruchten, die persoonlijkheidsaspecten die de Heilige Geest in ons wil laten groeien, zal ruimte gemaakt moeten worden door datgene los te laten wat dat toelaten en meebewegen in ons belemmert. Leren ‘loslaten’ is dan ook een belangrijke spirituele dimensie die het tot wasdom komen van het geestelijke rijpingsproces blijvend zal begeleiden. Met name in de herfstperiode zal de dimensie ‘loslaten’ meer nadruk krijgen om zo bij te dragen aan het proces van geestelijke rijping of ‘wasdom’.    

 Annemarie van Wijngaarden en Rob Boersma

primi sui motori con e-max.it
Onze nieuwsbrief >