Groeien naar het Licht

‘Probeer door te dringen tot de schatkamer in je binnenste, dan zul je ook de hemelse zien. Als je er binnengaat, zul je ze allebei zien. De ladder naar het rijk der hemelen is verborgen in je eigen ziel. Duik onder in jezelf, weg van de zonde, want daar zul je de trap vinden om naar boven te klimmen’.

 Isaak van Ninevé, woestijnvader (gestorven + 700 na Chr)

In de vorige meditatie, met als thema ´Donker en licht´,  lazen we dat het -voor wie naar het licht wil groeien-, belangrijk is om eerst zijn of haar donkere kanten onder ogen te  zien. Dat betekent: oog durven hebben voor  de schaduwkanten van ons bestaan, ons ermee  durven confronteren, er mee in gesprek gaan en –zo mogelijk- ons er tenslotte mee verzoenen.  Als we willen  ´groeien naar  het Licht´ dan zullen wij de realiteit van ons bestaan moeten onderkennen.
In Genesis lezen we over Jacob die, onderweg slapend op een steen onder de sterrenhemel, droomt over een ladder naar de hemel.  Engelen gaan op en neer. De plek noemt hij na deze ervaring Beth-El, ‘huis van God’. Een huis van God in al haar eenvoud onder de open hemel met het hoofd op een steen.
Benedictus van Nursia, de grondlegger van de Benedictijner orde zegt, dat de mens die wil opklimmen naar God ( de ladder uit de droom van Jacob) moet afdalen in zijn eigen werkelijkheid. Zo legt hij die woorden van Jezus: ‘Wie zich vernedert zal verheven worden’ uit.

In bovenstaande koptekst ziet de woestijnvader Isaak van  Ninevé  ook de Jacobsladder als beeld voor het opklimmen tot God door af te dalen. We moeten net als Jezus eerst afdalen in onze menselijkheid voordat we samen met hem mogen opstijgen, groeien naar het Licht dat God is. ´Groeien naar het Licht´ is het proces van het loslaten van de verscheurende en verstrooiende strijd om zelfbehoud en het toevertrouwen aan de genezende, heel en één makende liefde van God.

De bijbel gebruikt het symbool van groeien op een manier die meer aansluit bij het natuurlijke groeien. Maar ook daarbij is er tegelijk een afdalen. Zoals in Jesaja 27: ‘de tijd zal komen, dat Jakob zal wortelen, dat Israel zal uitbotten en bloeien, …en vrucht dragen…’. Wortelen (groeien in de diepte)  en groeien (groeien naar het licht en vrucht dragen) gaan dus gelijk op.

Wat beschouwen we zelf eigenlijk als onze wortels? Hebben we die? In ons leven? In ons geestelijk groeiproces?  

primi sui motori con e-max.it
Onze nieuwsbrief >